“We hebben de toren van de Grote Kerk beklommen.”

Den Haag, donderdag 8 augustus 1624

We waren vanochtend al om half vijf op. Gelukkig was het al vroeg licht. David heeft eerst nog uren aan zijn poëzie gewerkt, maar ik ben gelijk aan de slag gegaan met de konijnenpastei. Het bleek nog een heel karwei. Het was maar goed dat ik gister al begonnen was.

Uiteindelijk hadden we tante Annetje, Jaccomijntje, tante Palesteijn, Breckerveld, Jenneke en haar moeder aan tafel. Het was heel gezellig met elkaar. David en ik hebben onze gasten een zalig noenmaal voorgeschoteld, al zeg ik het zelf. Na het eten hebben we met z’n allen nog Psalm 23 gezongen en toen is ieder weer op pad gegaan.

De tantes en Jenneke’s moeder zijn gaan wandelen. David, Breckerveld, Jenneke en ik hebben de toren van de Grote Kerk beklommen. Daar hebben we wel een uur lang onder de klokken gestaan en we hebben met een verrekijker heel de stad bekeken. Het is een machtig gezicht om Den Haag zo van boven te bekijken!

Daarna hebben we nog een uurtje in de Prinsessentuin van graaf Frederik Hendrik vertoefd en erg moeten lachen om de mensen die niet bedacht waren op de opspringende fonteinen. Met deze hitte is een nat pak overigens niet eens zo heel erg.

Ik ben nu bekaf, maar het was al met al een fijne dag.

Schotel

Het weer van 8 augustus 1624:
“Schoon ende helder weder met heeten sonneschijn.”

Reageer op deze dag

Deel deze dag