“Ik had een lekker visje gekookt.”

Den Haag, vrijdag 31 mei 1624

Vanavond kwam tante Annetje hier op bezoek, samen met Breckerveld en zijn vrouw Jenneke. Ik had een lekker visje gekookt, maar het maal kon Jenneke nauwelijks bekoren. Ze heeft nog steeds ontzettende heimwee, vertelde ze tijdens een onderonsje. Naar Arnhem, nota bene. Het lijkt mij behoorlijk saai daar, en de mensen praten er ook zo raar. Maar het is voor Herman erg sneu. Heeft hij eindelijk een vrouw aan de haak geslagen, zit ze hele dagen te somberen. En dat reisje dat ze samen naar Amsterdam hebben gemaakt, heeft dus ook niet voor verbetering gezorgd.

Het weer van 31 mei 1624:
”Uijtnemend schoon ende getempert weder, zijnde de lesten ende oock de besten dag van desen Maij, wiens gelyck geen oude luijden en heugt beleeft te hebben.”

Reageer op deze dag

Deel deze dag