“Het enige vermaak in de winter is schaatsen.”

Den Haag, maandag 22 januari 1624

Ik heb daarnet mijn dagboek eens teruggelezen en het valt me op dat ik deze maand nauwelijks iets spannends meemaak. In de winter gebeurt er altijd zo weinig: er zijn geen feesten zoals de kermis of de harst, de scholen zijn de helft van de tijd leeg, de boeren kunnen niet op het land werken en ook het Staatse leger trekt pas in het voorjaar weer ter velde. Als het er dit jaar überhaupt van komt, zegt David. Stadhouder Maurits is inmiddels 56 en het is een publiek geheim dat het heel slecht gaat met zijn gezondheid. Hij weigert vooralsnog echter zijn post als opperbevelhebber over te geven aan zijn halfbroer Frederik Hendrik.

Het enige vermaak in de winter is schaatsen, maar dan moet er wel ijs liggen, zoals afgelopen weken het geval was. Maar inmiddels is het alweer flink aan het dooien.

Het is daarom fijn om aanloop te hebben. Vandaag kwamen Herman Breckerveld, mijn speelnootje Jaccomijntje en tante Liesbeth van der Cruijs langs voor een praatje.

David vertelde me net schokkend nieuws uit Chur in Zwitserland. Gereformeerde burgers daar hebben vijf monniken, tien papen en zestig Italianen gevangen genomen en doodgeslagen. Ik vind ook dat paapse afgoderij vermeden moet worden, maar om daar nou 75 man om dood te slaan… Volgens David zal zoiets bij ons in de Republiek niet zo snel gebeuren, omdat de verschillende gezindten hier in tolerantie samenleven. Ik hoop maar dat hij gelijk heeft.

Het weer van 22 januari 1624
“Eenen schoonen ende heerlijcken dag met schoon ende stil weder ende voormiddags Sonneschijn.”

Reageer op deze dag

Deel deze dag